In oktober 2008 kreeg een door de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken ingestelde Commissie van Wijzen de opdracht nader onderzoek te verrichten vanwege het door de Minister vastgestelde geringe draagvlak in Bussum.
Het advies moest worden opgesteld “vanuit een integrale visie op de Gooi- en Vechtstreek, waarbij allereerst de opgaven voor de regio en de gemeenten voor de langere termijn de basis vormen voor een nadere analyse van de oplossingsrichtingen.”
Na omvangrijke beschrijving van de regionale ontwikkelingen en opgaven volgt op pagina 22 van het Adviesrapport een zespunts weergave van het Bussumse standpunt.
De Commissie van Wijzen presteert het echter, daar waar de Staatssecretaris expliciet in de aanleiding voor de opdracht aangeeft nader onderzoek te wensen omdat ze geen draagvlak in Bussum vindt, om de Bussumse argumenten zonder nadere onderbouwing af te doen met de zin: “Zonder elk van deze argumenten te wegen, acht de Commissie deze in totaliteit toch onvoldoende doorslaggevend om daarom de door de Provincie voorgestelde en door de overige gemeenten gewenste fusievariant, te stoppen.”
Deze formulering is een minachting van de primaire opdracht en ook van de standpunten van de Bussumse Gemeenteraad.
Ook de zwaarwegende adviesvraag omtrent alternatieve herindelingsvarianten is door de Commissie van Wijzen afgedaan op een wijze die niet overeenkomt met de verwachtingen die de Staatssecretaris wekte met haar opdrachtformuleringen.
Alternatieve herindelingsvarianten zijn besproken in gesprekken met en door de colleges van enkele Gooise gemeenten.
De Commissie van Wijzen registreert hier alleen wat anderen vinden.
Een eigen visie van de Commissie van Wijzen ontbreekt, terwijl juist hiernaar werd gevraagd in de door de Staatssecretaris verstrekte opdracht.